Hegel doet een poging is de gehele moderne wijsbegeerte als een systematisch geheel te doordenken.
Die systematiek alleen de buitenkant
Speculatieve dialectiek
dynamiek van de inhouden volgen
Voorbeeld 1. Het 'nu'.
"Er wordt 'nu' getoond, dit nu. 'Nu'; het is al opgehouden te bestaan als het getoond wordt. Het 'nu' dat is, is een ander dan het getoonde en we zien dat 'nu' precies dit is: doordat het is al niet meer te zijn. Het 'nu' dat ons getoond wordt is voorbij, en dit is zijn waarheid. Het heeft niet de waarheid van te zijn. Toch is het wel waar dat het geweest is. Maar wat geweest is, is inderdaad geen wezen, het is niet en om het zijn was het begonnen.
We zien dus in dit tonen een beweging die als volgt verloopt:
1. Ik toon het 'nu' en breng het als het ware naar voren. Ik toon het echter als iets dat voorbij is en opgeheven, ik hef de eerste waarheid op en:
2. Nu beweer ik als tweede waarheid dat het geweest is, opgeheven is.
3. Maar wat geweest is, is niet, ik hef het geweest-, opgeheven-zijn op, ontken daarmee de ontkenning van het nu en keer naar de eerste bewering terug: het 'nu' is."
Heraclitus: "In dezelfde rivieren treden wij en treden wij niet, wij zijn en wij zijn niet."
Relatie
Voorbeeld 2, Vrijheid.
1. Vrijheid vatten we meestal zo op, dat in een zeker opzicht alle mogelijkheden nog voor ons open staan. We kunnen tegen een mogelijke handeling nog 'ja' of 'nee' zeggen. Onze wil is nog onbepaald en dat weten we ook. Als je niet weet dat je vrij bent, dan ben je het niet. Juist dat alle mogelijkheden nog denkbaar zijn, maakt onze vrijheid uit.
2. Maar als we daarbij blijven staan, en niet tot een daadwerkelijke beslissing overgaan, zijn we niet zo erg vrij. We komen dan tot niets, of tot een nihilistische afwijzing van elke verwerkelijking van onze mogelijkheden. Willen we werkelijk vrij zijn, dan zullen we tot daden moeten overgaan, een keuze moeten maken, ja of nee moeten zeggen. We moeten onze wil bepalen en kunnen niet bij de onbepaaldheid blijven staan.
3. Maar daarmee lijken we onze vrijheid juist verloren te hebben. We hebben gekozen, het lot is geworpen en we zijn de onbepaaldheid, de openheid van alle mogelijkheden kwijt. Toch hebben we daarin juist onze vrijheid gerealiseerd. De mogelijkheid die we gekozen hebben is datgene waarin we onszelf verwerkelijkt hebben. Het is onze eigen keuze. Wanneer we bijvoorbeeld gekozen hebben voor de vriendschap met iemand, is die iemand onze vriend geworden. Het leek dus of bepaaldheid en onbepaaldheid elkaar uitsloten, maar juist in de vrije daad blijken ze verenigbaar te zijn.
Twee kanten in relatie tot elkaar
De relatie van A tot B is tegengesteld aan die van B tot A en toch vormen die beide tegendelen een en dezelfde relatie.
Aristoteles:'relatieve tegenstelling'
Heraklitus: "De weg naar boven en die naar beneden is een en dezelfde."
"Zelfbeweging van het begrip".
Menselijke relaties: als ze niet in beweging zijn, verkommeren ze.
De dialectische beweging gaat bij Hegel vaak - maar niet altijd - in drieën
'De Duitse Drieslag'.
Fichte: these, antithese synthese.
Hegel: an sich; für sich en an und für sich
'onmiddellijkheid'; 'reflectie' en 'zelfreflectie'
Logica: 'zijn'; 'wezen' en 'begrip' en: 'algemeenheid'; 'bijzonderheid' en 'enkelheid'
Voorbeeld 3, Techniek
1. Techniek is iets maken. Maar het gemaakte dient ook weer om mee te werken. Wat gemaakt is, moet vervolgens gebruikt worden. Denk aan een hamer, een schep, maar als je er goed over nadenkt gaat dit op voor elk technisch produkt. Iets maken vereist handigheid en iets uitvinden om te maken vereist originaliteit. Volgens deze gedachtengang is het typisch technische een werktuig of instrument, waarmee een mens iets aan zijn omgeving kan veranderen om tot een gewenst resultaat te komen.
2. Handiger is het echter als je het zo inricht dat het resultaat vanzelf tot stand komt. Je moet daarvoor iets doortrapter te werk gaan. Meestal lukt dat door vele kleinere werktuigen met elkaar te verbinden. Ze worden dan onderdelen van een machine. Denk aan een graafmachine of een schrijfmachine. Kijk je zo tegen techniek aan, dan zit het eigenlijke werk in ontwerpen. Je moet daarvoor veel precieze kennis van de natuurwetten bezitten. Anderen, die deze kennis niet hebben, maar wel ervaring, kunnen het ontwerp dan uitvoeren. Er komt zo dus een tegenstelling tussen denken en handelen naar voren.
3. Maar kun je dan geen machine maken die denkt? Misschien niet, maar dat is ook niet nodig, want je kunt hem laten werken alsof hij denkt. Elke machine werkt immers zoals in het ontwerp is voorgeschreven. Het lijkt wel of hij logische conclusies uit dit ontwerp trekt. En als we hem nu inrichten en gebruiken om logische conclusies te trekken. Dan hebben we wat we in onze tijd een informatieverwerkende machine noemen. We maken er dan eigenlijk gebruik van dat we de natuurprocessen ons ontwerp kunnen laten volgen. En dan is natuurlijk de volgende stap dat we een 'algemene ontwerpvolger' construeren. Zoiets noemen we tegenwoordig een computer. Dat is ook nog steeds een werktuig, maar het werken ermee is nu juist denken geworden.
Niet alleen het begrip techniek in een dialectische beweging, maar ook de techniek zelf.
J.H.A. Hollak
Phänomenologie des Geistes: de weg van het gezonde verstand naar het speculatief dialectische niveau van denken
doordenking op dit niveau van dit denken zelf (logica),
van de natuur (natuurfilosofie),
van de menselijke geest (subjectieve geest)
van de menselijke samenleving (objectieve geest)
cultuur: kunst, religie, wetenschap (absolute geest).
Wereldgeschiedenis <---> Geschiedenis van de filosofie.
Tijdgebonden Wist Hegel zelf ook:
"Zijn tijd in gedachten te vatten."
Niet om "De wereld te onderwijzen hoe ze moet zijn," want
"Daarvoor komt de filosofie zonder meer te laat."
Als ze een gestalte van het leven "grijs in grijs schildert, is ze oud geworden en met grijs in grijs laat ze zich zeker niet verjongen."
Evenals Fichte is het ook Hegel dus om de vrijheid te doen.
Evenals bij Schelling een grote verbondenheid met de concrete realiteit.
Duitse idealisten: de liefde speelt een belangrijke rol in hun filosofie.
Typerend voor Hegel:
"De daadkrachtige liefde [...] is erop gericht het kwade van iemand weg te houden en het goede naderbij te brengen. Daartoe moet onderscheiden worden tussen het goede en het kwade voor deze persoon, wat tegen dit kwade doelmatig goed werkt en wat in het algemeen goed is voor die persoon. Dat wil zeggen, ik moet met verstand liefhebben; onverstandige liefde zal iemand schade berokkenen, misschien meer dan haat."
Denker
Aristoteles persoonlijk op de achtergrond.
Hield dan de alledaagse goede dingen van het leven.
Bamberger Zeitung: Wie denkt abstract?
"Er wordt een moordenaar naar het schavot geleid. Voor het gewone volk is hij niets meer dan een moordenaar. Dames merken misschien op, dat hij een krachtige, mooie, interessante man is. Dat volk vindt die opmerking verschrikkelijk: wat, een moordenaar mooi? Hoe kun je zo stom zijn een moordenaar mooi te noemen? Jullie zijn ook wel niet veel beter! "Dit is het zedenbederf dat onder de voorname lui heerst" voegt misschien een priester toe, die de grond van de dingen en de harten van de mensen kent."
Tekst en inhoud door Louk Fleischhacker
Layout door Theo van Klaveren
De auteurs zijn niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze pagina's.
Commentaar over deze pagina's: E-mail naar Jan-Willem.